Benodigd materiaal
- Ontluchtingssleutel (radiatorsleutel) of een platte schroevendraaier, afhankelijk van het ontluchtingsnippeltje
- Doek of bakje om druppels op te vangen
Wanneer moet u een radiator ontluchten?
Lucht in de verwarming herkent u aan getik, geborrel of geruis in de leidingen, en aan radiatoren die bovenaan koud blijven terwijl de onderkant warm is. Er komt vaak lucht in de installatie na het bijvullen van de cv-ketel of na werk aan de verwarming. Ontlucht de radiatoren ook voor het stookseizoen begint, dan warmt het huis sneller op.
Zo ontlucht u een radiator
- Zet de verwarming een tijdje hoog, zodat alle radiatoren warm worden. Zet daarna de thermostaat laag en wacht ongeveer een kwartier. De lucht verzamelt zich dan bovenin de radiatoren.
- Begin bij de radiator op de laagste verdieping en werk naar boven.
- Houd een doek onder het ontluchtingsnippeltje, bovenaan aan de zijkant van de radiator. Draai het nippeltje met de sleutel een kwartslag linksom open.
- U hoort lucht sissen. Draai het nippeltje weer dicht zodra er water uitkomt.
- Herhaal dit bij alle radiatoren en zet de thermostaat daarna weer op de gewenste temperatuur.
Controleer de waterdruk
Door het ontluchten zakt de waterdruk van de installatie. Kijk op de drukmeter van de cv-ketel. Staat die lager dan de waarde die voor uw ketel geldt (bij veel ketels ongeveer 1,5 bar; zie de handleiding), vul de cv-ketel dan bij.
Blijft de radiator koud?
Wordt een radiator na het ontluchten nog steeds niet warm, dan kan de radiatorkraan of thermostaatkraan vastzitten, of is de installatie niet goed ingeregeld. Laat dan een cv-monteur kijken, bijvoorbeeld tijdens het periodieke cv-onderhoud.